Scholen organiseren heel wat activiteiten die weliswaar niet noodzakelijk zijn voor de eindtermen of ontwikkelingsdoelen, maar die het leren boeiender en aangenamer maken voor kinderen.

Om de kostprijs van die activiteiten te beperken, werken scholen nu met een dubbele maximumfactuur. De scherpe maximumfactuur omvat activiteiten zoals toneelbezoek, sportactiviteiten, schooluitstappen van één dag, ... Ook materialen die de kinderen via de school moéten aankopen, vallen daar onder (bijv. verplicht schoolabonnement op tijdschrift).

Voor de scherpe maximumfactuur worden verschillende basisbedragen gehanteerd, afhankelijk van de leeftijd en het onderwijsniveau van het kind (kleuter- of lager onderwijs).

Een schooljaar mag niet meer kosten dan:
45 euro voor kleuters
90 euro voor leerlingen lagere school

Deze bijdrages worden gespreid betaald door de ouders.
De ophaling van de maximumfactuur gebeurt in 2 schijven:
 € 20 (kleuter)/€45 (lager) in oktober 2021
 € 25 (kleuter)/€45 (lager) in februari 2022

De minder scherpe maximumfactuur omvat de activiteiten buitenshuis: meerdaagse uitstappen voor één of meerdere klassen (deels) tijdens de schooluren. Bijvoorbeeld zeeklassen, plattelandsklassen, ..... De minder scherpe maximumfactuur bedraagt voor een kleuter 0 euro (meerdaagse uitstappen komen heel weinig voor) en voor een kind uit de lagere school bedraagt het basisbedrag 445 euro voor de volledige duur van het lager onderwijs. Zo kan elk kind normaal gezien mee op uitstap.

Gezinnen met een laag inkomen kunnen een schooltoelage aanvragen. De aanvraagformulieren schooltoelage kunnen gedownload worden via de website van het departement onderwijs en vorming.